|
|
Presbyopia
Oftewel
een afname van de gezichtsscherpte op korte afstand.
(leesklachten)
Wanneer in een normaal oog licht binnen komt dan ontstaan van een ver weg gelegen voorwerp een brandpunt op het netvlies.
Wanneer een voorwerp dichterbij komt gaat het brandpunt naar achteren. Echter door de aanwezigheid van het netvlies wordt het onscherp.
Het oog zal trachten het beeld scherp te stellen. Het kan dit alleen doen door de kring spier aan de voor kant aan te spannen. Middels vele ragdunne vezel hangt de eigen lens aan deze kring spier. Het lenszakje dat bij kijken in de verte slap en dun is zal bij het aanspannen van de spier boller worden. Hierdoor neemt het
lichtbuigend vermogen toe en zal het brandpunt weer op het netvlies terecht komen. Dit proces heet accommodatie.
Accommodatie is afhankelijk van de leeftijd.
Op jonge leeftijd is het oog in staat de voedingsbron tot op 4 cm nauwkeurig waar te nemen. De flexibiliteit is 25 dpt. De voorzijde van de lens (het voorste kapsel) scheidt elke dag van het leven een
minuscule hoeveelheid gel uit in het lensje. Dit materiaal mag niet vrijkomen daar het giftig is voor het oog. Gedurende uw gehele leven wordt het lens zakje dus voller. Als gevolg hiervan neemt de flexibiliteit af.
Om te kunnen lezen op een afstand van 30 cm heeft men een flexibiliteit
nodig van 3 dpt. (100 cm/30 cm). Op de leeftijd van 40 jaar bereikt het oog deze
waarde, de armen worden te kort en een leeshulp moet worden aangeschaft.
Op de
leeftijd van 50 jaar is de sterkte van de leesbril 1.5 dpt. en op 65 jaar 3.0 dpt.
Let wel dit is een toevoeging aan de sterkte van de verte bril. Heeft u een
verte bril van +1.0 dan wordt de leesbril op uw 50-ste +2.5 dpt. (+1.0 plus + 1.5 dpt.)
Op uw zestigste dus +4.0.
Maar wat nu als u -3.0 bent. Dit zullen we aan u toelichten.
Door een lijn te trekken in de lens welke de zonnebril voorstelt is eenvoudig te
zien dat een glas met sterkte nul in feite is opgebouwd uit een min en een plus
deel.
Bijvoorbeeld een -3.0 en een +3.0 deel. Nu komt een bril met sterkte nul
overeen met het afdoen van de bril, immers dan heeft men geen glas voor het oog
dus sterkte nul. Dit betekent ook dat een bijziend persoon een plus bril voor
zijn eigen bril zet zodra de bril wordt afgedaan.
Iemand met een eigen bril van -3.0 heeft dus eigenlijk een leesbril op die men
zou dragen op 65 jarige leeftijd. Dit is de reden dan een bijziende de rest van
zijn leven kan lezen zonder bril.
Nu vraagt een bijziende om normaal te worden gemaakt. Net zo goed zien als nu
met bril maar dan zonder is het vaak gehoorde uitgangspunt. Dit betekent echter
automatisch dat iemand met een kantoor baan na het 40-ste jaar een leesbril
nodig zal hebben.
Men heeft dan de ene bril ingeruild voor de ander. Vaak wordt
dit aspect niet onderkend.
Het valt zeker te overwegen een lichte mate van
bijziendheid niet te laten behandelen.
Het gemak van te kunnen lezen zonder bril
en redelijk, niet 100% zicht, in de verte te kunnen zien zonder bril zou een
belangrijker drijfveer moeten zijn.
Dit zou een persoon het grootste deel van
het leven zonder bril laten zijn.
Behandelmogelijkheden
- Leesbrillen. Multifocale glazen en/of contactlenzen.
- Monovision.
Ēén oog voor ver, het andere voor dichtbij kan zowel bij
brillen, contactlenzen als bij chirurgische technieken worden nagestreefd. Monovision is niet slecht voor een oog.
- Al enige tijd wordt druk geëxperimenteerd met het
aanbrengen van leescorrectie in het hoornvlies. Dit vindt plaats tijdens
"gewone" laserbehandelingen. Vaak brengt men het leesdeel aan in het centrum
van het hoornvlies. Het ligt dan precies voor de tijdens het lezen kleiner
wordende pupil. Bij kijken in de verte wordt de pupil groter en gaat men
langs het leesdeel zien. Daar met name bij autorijden 's avonds wel eens in
het licht van een tegenligger gekeken kan worden kan deze opzet leiden tot
gevaarlijk situaties. De pupil wordt dan immers kleiner en vanwege het
leesdeel zou minder goed in de verte gekeken kunnen worden. Op grond hiervan
wordt ook geëxperimenteerd met het aanbrengen van een leesrand net buiten
het midden van het hoornvlies. De resultaten van beide technieken zijn
wisselend. Nog afwachten met het laten verrichten van een dergelijk ingreep
lijkt verstandig.
- Sclerale expansiebanden (SEB).
Vier plastic segmentjes worden net onder de
oppervlakte van de harde oogrok geplaatst. De gedachte is dat de toegenomen
afstand tussen kringspier en de lens een grotere accommodatie
bewerkstelligen. Onderzoek is nog niet afgesloten. Het ziet er naar uit dat
men ongeveer 1.5 dpt. extra accommodatie kan krijgen. Er zijn risico’s aan
verbonden in termen van erosie, infectie en verminderde doorbloeding.
- Anterior Ciliary Sclerotomy (ACS). Door acht sneden te maken in een spaak
patroon meent men meer ruimte te creëren voor de stugger wordende lens.
Resultaat in verschillende studies is wisselend. (0 tot +1.0 dpt.)
- Laser
Presbyopia Reversal (LAPR). Met laser of infra-rood licht wordt de harde
oogrok boven de kring spier dunner gemaakt. In principe is deze techniek
gelijk aan die beschreven bij 4. Nu wordt het met een laser gedaan.
Berichten gaven aan dat ongeveer 1.5 tot 2.5 dpt. accommodatie teruggekregen
kan worden. Dit zou betekenen dat men geen leesbril meer nodig zou hebben.
Helaas blijken recente berichten de techniek niet succesvol te beschouwen.
- Photophako
Reduction (PPR).
Gebaseerd op het uitgangspunt dat de gedurende
het leven dichter wordende lens middels laserbehandeling uitgehold, dunner
en dus meer flexibel zou kunnen worden gemaakt.
- Photophako
Modulation (PPM).
Tracht het doel te bereiken door in het voorste
kapsel van de lens miniscule gaatjes te schieten.
- Intra-oculaire lenzen. Vivarte Presbyopic is een lens gebaseerd op een
bestaand en in het buitenland succesvolle lens (Vivarte). De leverancier heeft in het midden een leesdeel aangebracht. Bij de plaatsing is het essentieel
dat de centrale positie van de lens overeen komt met de optische as van het
oog. Is dit niet het geval dan lijkt het alsof men steeds tegen de overgang
van verte naar leesdeel kijkt. Dit wordt als uiterst onplezierig ervaren.
- Lenzen met een buig moment.
Voorbeeld hiervan is de Crystal Clear lens van
C&C. door veranderingen in de afstand tussen de aangespannen kringspier zou
de lens meer naar achteren gaan. Later onderzoek uit Oostenrijk ontzenuwt
het markt concept. De lens zou in werkelijkheid het tegenovergestelde doen.
De eigen lens moet verwijderd worden voordat men tot plaatsing kan overgaan.
- De
Duitse firma Humanoptics levert een gelijknamige lens met een
werkingsprincipe als de lens van C&C. De resultaten zijn dubieus.
- Thinoptx
Lenses. Deze op zich fraaie lens van de firma Thinoptx (www.thinoptx.com)
werkt met een ringachtige slijping in de ongelooflijk dunne lens. De lens
dikte maakt dat een wondje van slechts 1.9 mm nodig is om de lens in een oog
te schuiven. Eigen ervaring en die van anderen leert dat 70% van de
behandelden zowel ver als dichtbij kan zien met deze lens (comm. Prof. Alio,
Alicante).
- Het
ziet er naar uit dat de Technis Lens van de firma AMO nog de beste prognose op
een hersteld zicht voor zowel ver als dichtbij geeft.
Bovengenoemde technieken geven aan hoeveel inspanning men zich getroost een
oplossing te vinden voor de afname van de lens flexibiliteit.
Men noemt dit wel
een laatste barrière.
|
|
|
|
|
Oogkliniek Eye-Q-Vision |
|
Burg. Haspelslaan
131 |
|
1181 NC
Amstelveen |
|
info@eyeqvision.nl |
|
Tel. 020 -
6401104 |
|
Fax. 020 - 6435449 |
|